De commissie doet onderzoek naar de werksfeer en sociale veiligheid bij Defensie.

Wat onderzoekt de commissie?

In de opdracht aan de commissie  zijn een aantal taken beschreven: 

  1. Onderzoek te doen naar de wijze waarop Defensie invulling geeft aan een sociaal veilige werkomgeving, daarbij extra alert te zijn op signalen die een indicatie voor een angstcultuur kunnen zijn, alsmede aanbevelingen te doen ter zake van het verbeteren van de sociaal veilige werkomgeving. Het onderzoek moet hierbij ingaan op de meldingsbereidheid, het meldingssysteem en de nazorg van melders;
  2. Feitelijk onderzoek te doen naar de wijze waarop met de melding en melders te Schaarsbergen is omgegaan;
  3. Door middel van een steekproef de kwaliteit van bij de defensieonderdelen gehouden interne onderzoeken ter zake van ongewenst gedrag te beoordelen;
  4. Te voorzien in een contactpunt dat geopend is tot 1 juli 2018 waar (voormalige) (militaire) ambtenaren met hun recente ervaringen over (melden van) ongewenst gedrag terecht kunnen en waar deze meldingen inhoudelijk beoordeeld en voor zover aan de orde ter behandeling doorverwezen worden.

Hoe doet de commissie onderzoek?

De commissie verzamelt op verschillende manieren informatie om een zo goed mogelijk beeld te kunnen vormen van ongewenst gedrag en de manier waarop met meldingen en melders omgegaan wordt binnen Defensie.
Wat de commissie doet:

  1. Meldingen die binnenkomen via het meldpunt analyseren.
  2. Interviews houden met melders en vertegenwoordigers van groepen die mogelijk te maken hebben met incidenten (vakbonden, belangenverenigingen minderheidsgroeperingen, vertrouwenspersonen, personeelsafdelingen, bedrijfsmaatschappelijk werk, geestelijk verzorgers, gedragswetenschappelijke dienst, advocaten die slachtoffers bijstaan);
  3. Analyse van de binnen defensie onderdelen uitgevoerde onderzoeken naar ongewenst gedrag.
  4. Analyse van procedures, richtlijnen en wettelijke kaders van/voor incidenten en meldingen;
  5. Analyseren van organisatiedocumenten (i.e. jaarverslagen vertrouwenspersonen, dossiers van incidenten en de afhandeling daarvan)

Uiteraard zal de commissie ook eerder verschenen rapporten in haar analyse meenemen, waaronder de rapporten Staal en Blauw, het rapport van der Veer, het SCP rapport van dit jaar alsmede uitingen die in de media zijn verschenen. Daarbij betrekt de commissie ook activiteiten die ingang zijn gezet op basis van de adviezen uit de eerdere onderzoeken .
 

Toegang tot informatie

De leden van de onderzoekscommissie hebben toegang tot alle gebouwen, terreinen en schepen van Defensie of in beheer van Defensie wanneer dat in het kader van het onderzoek nodig is.  Ook is het Ministerie van Defensie met betrekking tot het feitenmateriaal gehouden medewerking te verlenen aan het onderzoek. De commissie kan medewerkers van het Ministerie van Defensie verzoeken om mee te werken aan een interview. In lijn met de ethische richtlijnen voor wetenschappelijk onderzoek is medewerking aan een interview altijd op vrijwillige basis.

Tussenrapport en eindrapport

De commissie gebruikt uw informatie om zicht te krijgen op de manier waarop Defensie invulling geeft aan een sociaal veilige werkomgeving. Dit inzicht wordt beschreven in een rapport. Het rapport wordt zo geschreven dat de informatie niet herleidbaar is naar u of naar andere individuen. Als dat niet mogelijk is, wordt met u overlegd of meer concrete informatie in het rapport mag worden opgenomen.
De Commissie Sociaal Veilige Werkomgeving Defensie heeft op 16 maart haar tussenrapportage aangeboden aan de Staatssecretaris van Defensie. Het eindrapport is voorzien voor 15 juli 2018. Dan wordt het rapport aangeboden aan de staatssecretaris van Defensie. Deze zal het rapport vervolgens naar de Tweede Kamer sturen.

Planning

5 December 2017 – instelling commissie, start onderzoek
15 December 2017 – opening meldpunt
15 Maart 2018 – tussenrapportage (aangeboden op 16 maart)
1 juli 2018 – sluiting meldpunt
15 juli 2018 – eindrapportage